More! More! More! More! Beter kan je The Wolf of Wall Street niet omschrijven. Meer geld, meer drank, meer vrouwen, meer drugs en dus ook meer problemen.
De film, gebaseerd op het echte verhaal van Jordan Belfort, begint eind jaren tachtig. De pas getrouwde Belfort wil meer uit zijn leven halen en besluit om op Wall Street te gaan werken. Vanaf minuut één is hij verslaafd aan het werk en dat is het begin van een roemruchte carrière.
Kort na de geweldige lunchscène met Matthew McConaughey, gaat het bedrijf waarvoor hij werkt failliet. Gedreven door zijn nieuwe verslaving, de stock market, vindt Belfort een nieuwe baan. Op een afgelegen terrein net buiten New York verkoopt dit bedrijf zogenaamde Penny Stocks. Kleine aandelen van een paar cent, maar met een enorm winstmarge. Al snel verdient Belfort 70.000 dollar per maand en hier komt Donnie Azoff (Jonah Hill) in beeld.
Samen met Azoff als vice-president, start Belfort de firma Stratton Oakmont. Ze nemen een aantal louche verkopers aan die Belfort alle kneepjes van het verkoopvak leert. Binnen de kortste keren groeit het bedrijf uit tot een van de grootste op Wall Street. Is het helemaal legaal wat er gebeurt, zeker niet, maar met een baas als Belfort heeft niemand hier problemen mee. Zo bestaat de 'vrijdagmiddagborrel' uit strippers, veel drank, darten met dwergen en emmers vol coke. Het kan slechter!
Met al het succes groeit ook de hebzucht. Belfort scheidt van zijn vrouw en trouwt de bloedmooie, ik herhaal bloedmooie Naomi. Snuift kilo's coke naar binnen, slikt genoeg verdovingsmiddelen om zes paarden mee plat te krijgen en drinkt daar ook nog 'redelijk' bij. Naomi is niet genoeg dus er komen dagelijks een aantal hoeren langs. En tot overmaat van ramp staat de FBI ineens op zijn 55 meter lange jacht. Hier begint dan ook de val van Belfort.
Ik keek enorm uit naar The Wolf of Wall Street. En ik kan je vertellen, dit drie uur durende epos valt zeker niet tegen!
Alle acteurs zetten een geweldige rol neer. DiCaprio is wederom op weg naar een groot aantal filmprijzen. Zijn rol als Belfort is zo overtuigend dat je jezelf afvraagt of die zelf niet compleet strak stond tijdens de opnamens. Jonah Hill is enorm geestig als de sullige Azoff. En de rest van het grote aantal bijrollen past ook compleet bij de film. Zo zet Jon Bernthal (The Walking Dead) een heerlijk foute dealer neer.
De hebzucht die door de hele film raast is voelbaar door de hele zaal. Alles is teveel van het goede, maar het boeit niemand wat. Dat vond ik het heerlijke van de film. Ondanks dat alles kapot gaat, wil je gewoon ook even zo'n leven leiden. Dus wat mij betreft mag Martin Scorsese, The Wolf of Wall Street toevoegen aan zijn lange lijst met successen!
Sander
Luister ook even naar de über geweldige soundtrack van Kanye West, Black Skinhead! Met zijn enorme ego had hij zo een rol in de film kunnen krijgen...